sales@jansenzaden.nl

'Honey Orange F1' - 47105

€ 3,00 3.0 EUR

€ 3,00

Dit product is tijdelijk niet beschikbaar!

+ in winkelwagen

Behandeld zaad: Ja
Eetbaar: Ja


Groeiwijze legenda
R= Rankend | SB = Licht rankend 
V = Sterk rankend | B = Struikvorm
PMT = meeldauwtolerant | PMR = meeldauwresistent

'Honey Orange' is een bijzondere verschijning. Niet alleen qua uiterlijk valt hij op maar ook door het feit dat dit soort wat beter tegen ons klimaat kan. Oké, het wordt hier zo langzaam aan ook steeds warmer maar bij ons is het klimaat nog steeds niet ideaal voor een meloen. Vandaar dat je de meeste soorten het beste in een verwarmde kas kunt kweken. 
Nou is 'Honey Orange F1' samen met 'Honey White F1' (47110) een uitzondering op deze regel. Deze ovale meloen met zijn ivoorkleurige gladde schil en zoete oranje vruchtvlees doet het goed in wat koelere groei omstandigheden. Prima te kweken in de koude kas! Ook zijn de vruchten best lang te bewaren. Ze zijn namelijk zo'n 10 -15 dagen houdbaar.

Zaaien kan vanaf maart tot half mei in een kweekbak. De ideale kiemtemperatuur is zo'n 22°C.
Leg de zaden, met het puntje naar beneden, op 1 cm diepte in goed doorlatende grond. Houd de grond iets vochtig. Let er op dat je de aarde niet te nat maakt want dan zullen de zaden gaan rotten.

Pas als de kiemplantjes naast hun eerste twee blaadjes, nóg twee tot drie blaadjes hebben gevormd, kun je ze verplanten. Houd een plantafstand van ongeveer 70 cm aan. Je kunt in de kas alvast touw of draad spannen zodat de planten daar langs kunnen groeien. Om kruisbestuiving zo veel mogelijk te voorkomen zet je de meloenplantjes niet in de buurt van komkommer en pompoen.

Als de plant ongeveer een meter hoog is, zit er in iedere bladoksel een scheut. Haal de onderste zes á zeven scheuten weg en laat de hogere scheuten groeien. Op deze scheuten vind je de vrouwelijke bloemen. Om de kans op vruchtzetting te vergroten,  top je deze scheuten tot twee bladeren. Dan heb je twee vruchtbeginsels op iedere scheut. Laat de bovenste ranken uitgroeien tot ongeveer 120 cm en top deze dan ook. Zorg dat overdag bijen en hommels naar binnen kunnen zodat de bloemen worden bestoven. Anders zullen er geen meloenen aan de planten komen. Geef niet te veel water. Ten eerste houden de planten niet van ‘natte voeten’ en ten tweede komt te veel water de smaak van de meloen niet ten goede. De vruchten zullen bij teveel water niet veel smaak hebben.
Vermijd met water geven zoveel mogelijk dat er water op de bladeren komt om ziektes te voorkomen.

Bemest de planten niet veel en gebruik geen bemesting waar een hoog gehalte aan stikstof in zit. De plant zal dan veel blad en stelen ontwikkelen en dat gaat ten koste van de vruchtvorming.

Over het algemeen laat je de vruchten aan de plant rijpen. Een rijpe meloen herken je aan de steeds sterker wordende geur en aan de verkleuring van de vrucht. Een rijpe vrucht laat makkelijk los van de plant. Je draait hem van links naar rechts zonder er aan trekken. Pluk je de meloen eerder, dan kun je hem laten narijpen. Het nadeel is dan wel dat hij niet zo zoet zal zijn.


  

Latijnse Naam: Cucumis melo
Zaaien onder glas: III - V
Standplaats: Zon
Oogsttijd: VII - IX